Elk antwoord is het vorige plus 17.
Maaltafel van 17
Maaltafel van 17 oefenen, van 6 × 17 = 102 tot 7 × 17 = 119: zeventien is tien en zeven, dus vooral netjes splitsen en optellen.
Uw kind kan de oefeningen hier pas doen als de maaltafels van 7, 10 en 16 zitten. De 17 leunt op de 7, de maaltafel die vaak het langst hapert, en een gat daarin maakt hier elke som traag.
Meestal in het 4de–6de leerjaar in Vlaanderen en groep 6–8 in Nederland, rond 9 tot 12 jaar. Elk kind gaat in zijn eigen tempo; dit is een richtlijn, geen eis.
De eerste van 3 oefeningen in dit onderwerp. Bekijk ze allemaal
Zo ziet het eruit voor uw kind
Met één oefening uit dit onderwerp als voorbeeld: Door elkaar.
Hoe het samenhangt
De pijlen wijzen naar wat daarna gedaan kan worden. Wat in een vak staat, hoort bij dat vak.
Eerst nodig
Maaltafels 19, 16, 17 & 18
Maaltafel van 17
eerst dit, dan dat hoort bij
Keer 17 is keer 10 plus keer 7: 7 × 17 = 70 + 49.
Welk getal keer 17 geeft het antwoord? Zeg de maaltafel op tot je het hoort.
Waarom dit belangrijk is
De 17 is een van de taaiste maaltafels, omdat hij leunt op de 7, de maaltafel die vaak het langst hapert. Dat is meteen ook zijn waarde: wie hier rustig splitst, oefent de maaltafel van 7 en het optellen van grotere getallen tegelijk.
Zo pakt u het aan
Bij 4 × 17 wordt dat 40 + 28 = 68. Het optellen is vaak het knelpunt, omdat er een tiental bij komt. Schrijf de stappen gerust op tot ze in het hoofd passen.
Een tweede route loopt vanaf de 20: 4 × 20 = 80, min 4 × 3 = 12, dat is ook 68. Zo bekijkt uw kind dezelfde som van twee kanten, en vangt het een rekenfout vanzelf af.
Wanneer zit het erin?
Een ronde van 10 sommen in één keer zonder fouten, binnen 35 seconden. Dat is ongeveer 3,5 seconden per som: geen tellen meer, maar weten.