Elk antwoord is het vorige plus 7.
Tafel van 7
Tafel van 7 oefenen, van 9 × 7 tot 42 ÷ 7: de tafel die vaak het langst hapert, eerst zelf en dan als deeltafel, die hem nog eens herhaalt.
Uw kind kan de oefeningen hier pas doen als de tafel van 6 zit. De 7 heeft geen eigen trucje, dus elke som die al uit een andere tafel bekend is, telt: 8 × 7 wordt dan 7 × 7 en nog een 7, of 10 × 7 min twee zevens.
Meestal in groep 5 in Nederland en het 2de–3de leerjaar in Vlaanderen, rond 8 tot 9 jaar. Elk kind gaat in zijn eigen tempo; dit is een richtlijn, geen eis.
De eerste van 6 oefeningen in dit onderwerp. Bekijk ze allemaal
Zo ziet het eruit voor uw kind
Met één oefening uit dit onderwerp als voorbeeld: Door elkaar.
Hoe het samenhangt
De pijlen wijzen naar wat daarna gedaan kan worden. Wat in een vak staat, hoort bij dat vak.
Eerst nodig
Tafels 6, 7, 8 & 9
eerst dit, dan dat hoort bij
Tafel van 7
Keer 7 is keer 5 plus keer 2: 6 × 7 = 30 + 12.
Welk getal keer 7 geeft het antwoord? Zeg de tafel op tot je het hoort.
Deeltafel van 7
Welk getal keer 7 is het? Zoek het in de tafel van 7.
Het getal dat gedeeld werd is het antwoord keer 7.
Soms ontbreekt de uitkomst, soms een getal ervoor.
Waarom dit belangrijk is
De 7 heeft geen handig trucje zoals de 5 of de 9, en daarom blijft hij vaak het langst haperen. Toch is er minder te leren dan het lijkt. Door de omdraairegel kent uw kind 7 × 2, 7 × 5 en 7 × 10 al uit andere tafels, en wie de 6, 8 en 9 ook al heeft, houdt alleen 7 × 7 over als echt nieuw feit.
Zo pakt u het aan
Rekenen vanaf een buur die al vastzit werkt goed. 8 × 7 is 7 × 7 en nog een 7, dus 49 + 7 = 56. Of vanaf de 10: 10 × 7 = 70, min twee zevens, 56. Rekenen mag hier, zolang het steeds minder nodig is.
Juist omdat de 7 tijd kost, loont de deeltafel dubbel. 56 ÷ 7 = 8 is hetzelfde feit als 8 × 7 = 56, dus elke deelsom herhaalt ook de tafel zelf.
Wanneer zit het erin?
Foutloos door de hele ronde van 10, en samen niet langer dan 30 seconden. Rond de 3 seconden per som laat zien dat er niet meer geteld wordt.