Het begin en het eind staan er; de pijl wijst naar een getal daartussen. Welk getal is dat?
De getallenlijn
Getallenlijn oefenen: getallen een plek geven op een lijn, eerst tot 10, dan tot 20, 50 en 100, en vinden welk getal er bij de pijl hoort.
Hier begint het: voor deze oefeningen is niets anders nodig dan streepjes tellen, verder of terug. Het beeld van getallen op een rij dat hier ontstaat, helpt uw kind daarna bij optellen en aftrekken, waar een som een sprong op de lijn wordt.
Meestal in groep 3–4 in Nederland en het 1ste–2de leerjaar in Vlaanderen, rond 6 tot 8 jaar. Elk kind gaat in zijn eigen tempo; dit is een richtlijn, geen eis.
De eerste van 31 oefeningen in dit onderwerp. Bekijk ze allemaal
Zo ziet het eruit voor uw kind
Met één oefening uit dit onderwerp als voorbeeld: Verder springen.
Hoe het samenhangt
De pijlen wijzen naar wat daarna gedaan kan worden. Wat in een vak staat, hoort bij dat vak.
Visueel rekenen
De getallenlijn
Getallenlijn tot 10
Getallenlijn tot 20
+1 meer
Getallenlijn tot 50
eerst dit, dan dat hoort bij
Getallenlijn tot 10
Boogjes naar rechts, één per stapje en geteld 1, 2, 3 — en een pijl waar de sprong eindigt. Welk getal is dat?
Er staat één getal op de lijn. De pijl wijst verder, voorbij dat getal. Welk getal is dat?
Nu gaan de boogjes terug, naar links, geteld 1, 2, 3. Waar komt de pijl uit?
Er staat één getal op de lijn. De pijl wijst terug, vóór dat getal. Welk getal is dat?
Er staat één getal op de lijn. Nu kan de pijl verder of terug wijzen — kijk goed welke kant op.
Je krijgt een getal. Tik aan waar het op de lijn hoort, en druk op Ok.
Lezen, springen en een plek geven, alles door elkaar. Dit is de toets van de getallenlijn tot 10.
Getallenlijn tot 20
Dezelfde lijn, maar hij begint bij 10 en loopt door tot 20.
Boogjes naar rechts op de lijn tot 20, geteld — soms over de tien heen. Waar komt de pijl uit?
Er staat één getal op de lijn tot 20. De pijl wijst verder, voorbij dat getal. Welk getal is dat?
Boogjes terug op de lijn tot 20, geteld — soms terug over de tien. Waar komt de pijl uit?
Er staat één getal op de lijn tot 20. De pijl wijst terug, vóór dat getal. Welk getal is dat?
Alleen de 10 staat erbij. De pijl staat er een paar stapjes voor of achter. Welk getal is dat?
Je krijgt een getal tussen 10 en 20. Tik aan waar het op de lijn hoort, en druk op Ok.
Een stuk van de lijn tot 20 met drie getallen erbij, en vier pijlen. Elke pijl komt uit een vakje: lees af waar hij wijst en typ het getal erin, van links naar rechts.
Alles van de lijn tot 20 door elkaar. Dit is de toets van de getallenlijn tot 20.
Getallenlijn tot 50
Waar wijst de pijl?
Boogjes van vijf, geteld, verder of terug. Waar komt de pijl uit?
Er staan 0 en 10 bij, twee streepjes uit elkaar: elk streepje is 5. Tel door tot de pijl.
Alleen het begin en het eind staan erbij. Elk streepje is 10. Waar staat de pijl?
Je krijgt een getal uit de rij van vijf. Tik aan waar het op de lijn hoort, en druk op Ok.
Een stuk van de lijn tussen 20 en 50 met drie getallen erbij, en vier pijlen. Elke pijl komt uit een vakje: lees af waar hij wijst en typ het getal erin, van links naar rechts.
Alles van de lijn tot 50 door elkaar. Dit is de toets van de getallenlijn tot 50.
Getallenlijn tot 100
Een rechte lijn van 50 tot 60, 60 tot 70, tot 90 tot 100, met alleen het begin en het eind erbij. Waar wijst de pijl?
Boogjes van tien, geteld, verder of terug. Waar komt de pijl uit?
Alleen 0 en 100 staan erbij. Elk streepje is 10. Waar staat de pijl?
0, 50 en 100 staan erbij, en elk streepje is 5. Welk getal is het?
Je krijgt een getal uit de rij van vijf. Tik aan waar het op de lijn tot 100 hoort, en druk op Ok.
Een stuk van de lijn tussen 50 en 100 met drie getallen erbij, en vier pijlen. Elke pijl komt uit een vakje: lees af waar hij wijst en typ het getal erin, van links naar rechts.
Alles van de lijn tot 100 door elkaar. Dit is de toets van de getallenlijn tot 100.
Waarom dit belangrijk is
Op de getallenlijn wordt een getal een plek in plaats van een losse naam. Een kind ziet dat 7 dichter bij 10 ligt dan bij 1, en dat 15 precies midden tussen 10 en 20 zit. Dat ruimtelijke beeld helpt later bij schatten, afronden en het maken van sprongen tijdens het rekenen.
Het is in Maqqii ook de deur naar de rest: via de getallenlijn komt uw kind bij het optellen en aftrekken terecht.
Zo pakt u het aan
Laat uw kind eerst kijken naar wat er al staat: het begin, het eind, of één getal ergens op de lijn. Van daaruit telt u de streepjes, verder of terug, tot waar de pijl wijst. Bij de laatste oefeningen kan de pijl beide kanten op staan, dus eerst kijken welke kant.
Thuis werkt een liniaal of een meetlint prima als getallenlijn. Wijs een plek aan en vraag welk getal daar hoort, of draai het om: waar ligt 13?
Wanneer zit het erin?
Als uw kind alle 10 sommen foutloos maakt in 50 seconden of minder. Zo vlot gaat het pas wanneer de antwoorden uit het geheugen komen.